Antwerpen België Citytrip Europa Reizen Uitgelicht

Vier dingen waarvan je niet wist dat je ze in Antwerpen kon doen

Kan het zijn? Is het moment dan eindelijk daar? Zal ik het na alle exotische verhalen over bevreemdende contreien als Taiwan, Singapore en Brugge eindelijk eens hebben over mijn eigen Antwerpen? Ze mor zeker da! En het werd verdomme tijd ook. Antwerpen is namelijk onze enige wereldstad, en hoewel de rest van Vlaanderen (lees Gent) dit maar moeilijk kan verkroppen, weten ze in het diepst van hun ziel, als ze ’s nachts eenzaam in hun gammele boerenbedjes liggen, dat het de bittere waarheid is. Antwerpen is de parel aan de Schelde, de motor van onze economie en de onuitputtelijke kweekvijver van onze grootste talenten. Ok, er met de auto naartoe rijden en hem er vervolgens ook kwijtraken is tegenwoordig niet vanzelfsprekend, maar dat komt voornamelijk omdat alle parking buiten ‘t Stad ligt natuurlijk. Maar hoe doe je dat, fris en verrassend over je eigen stad schrijven, voor een publiek dat voornamelijk uit andere Antwerpenaars bestaat? Veel van mijn lezers kennen de Koekenstad door en door, en kropen er als student menig bruin café met mij uit. Daarom besloot ik het deze keer exclusief te hebben over dingen die me het voorbije jaar zelf nog verbaasd hebben. Plekjes of activiteiten waar ik geen weet van had en waar ik geheel toevallig of tijdens een of andere foto-opdracht op stootte. Zouden ze voor mijn stadsgenoten ook nog onbekend zijn? Ik vraag het me alvast af.

“Antwerpen is onze enige wereldstad, en hoewel de rest van Vlaanderen (lees Gent) dit maar moeilijk kan verkroppen, weten ze in het diepst van hun ziel, als ze ’s nachts eenzaam in hun gammele boerenbedjes liggen, dat het de bittere waarheid is.”

En voor de niet sinjoren die ook eens de toerist willen komen uithangen: het stadhuis staat al een jaar in de stellingen en ook de kathedraaltoren wordt – nog maar eens – gerestaureerd. Qua kiekjes nemen belooft het de komende jaren dus vrij mager te worden. Dan kan je maar best iets anders achter de hand hebben nietwaar? Iets zoals deze prachtige selectie verborgen plekjes die ik voor jullie bijeensprokkelde bijvoorbeeld. Groatis en verniet!

 

1. De David van Michelangelo bewonderen

De David van Michelangelo is waarschijnlijk het bekendste standbeeld ter wereld. Het bevindt zich in de Galleria dell’Accademia in Firenze en als je het wil zien moet je twintig euro betalen, soms tot twee uur buiten in de rij gaan staan en je vervolgens doorheen ettelijke rijen zweterige toeristen weten te wringen om er een glimp van op te vangen. En dan zwijg ik nog over het feit dat je er helemaal voor naar Italië moet vliegen. Je zult maar zo een domoor zijn, denk ik dan. Zeker als je weet dat er in het veel mooiere Antwerpen een perfecte vijf meter hoge replica van hetzelfde beeld te vinden is, gratis en voor niets, met niemand in de buurt, gewoon ergens willekeurig in het park. De altijd gênante micropiemel heeft men er zelfs op afgedekt met een modieus uitgebeiteld vijgenblad. Het beeld staat verstopt in een uithoek van het Park Den Brandt – waar je meteen ook een van de mooiste kastelen van Antwerpen kan bewonderen – en ik had er absoluut geen weet van tot ik er toevallig langsliep. Het staat er trouwens al meer dan honderd jaar en werd oorspronkelijk gemaakt voor de wereldexpo van 1910 in Brussel – I do my research, baby. Dus in plaats van je tussen de witte kousen dragende massa in Firenze te wringen, gewoon in augustus een ticketje voor Jazz Middelheim kopen, op je gemak erheen fietsen en je genietend van wat jazzy vibes met een pint tegen de voet van het beeld aanschurken. En die Italiaanse pizza die haal je achteraf wel bij Da Giovanni.

 

2. Wake-boarden op het Galgenweel

Antwerpen staat niet bepaald bekend als een bestemming voor zomerse waterpret – laat staan voor extreme watersporten. Langs het strand van Sint-Anneke mag niet gezwommen worden, en de beruchte onderstroom van de Schelde voerde al menig uitgeschoven dronkaard (dan wel slachtoffer van de drugsmaffia) ongezien naar de bodem van de Noordzee. Toch kan je sinds kort op Linkeroever in de vijver van het Galgenweel gaan wake-boarden. Aan de inham ter hoogte van de Kennedytunnel werd vorige lente door WakeUpCable een parcours van 420 meter aan kabels boven het water aangelegd. Daarmee kan je tegen 35 kilometer per uur met je board over allerlei schansen en andere obstakels razen. Toen ik er vorige zomer toevallig – bij 32 graden – een aantal foto’s moest nemen waande ik me op verlof. Langs het parcours staat een chique clubhuis op palen waar je eten, bier en cocktails kan krijgen, en daarnaast drijft een brede steiger waar tot zestig man op kan terrassen. Het hele ding zat tegen de middag al propvol en leek me de perfecte plek om op een van die eindeloze zomeravonden met de liefde van je leven (of met de scharrel van de week, who’s judging?) de zon te zien ondergaan. Het wake-boarden zelf liet ik toch maar aan me voorbij gaan. Voornamelijk omdat de eerste paar beginners die ik aan het werk zag na een tweetal seconden consequent en staalhard met hun bek tegen de waterspiegel knalden. Proberen staat vrij. www.wakeupcable.be

 

3. Een miniatuurmuseum in de universiteit bezoeken

Mijn studententijd was een van de mooiste periodes van mijn leven. Het is dan ook enkel omdat het er zo leuk was, dat ik acht jaar op de Universiteit Antwerpen ben blijven plakken (mail me voor een gratis diploma, ik heb er genoeg). De UAntwerpen ligt me nauw aan het hart, en ik maak ook vandaag nog steeds de foto’s voor hun brochures. Dat dit er voor zorgt dat ik nu meer tijd in aula’s doorbreng dan ik gemiddeld als student kon opbrengen is inderdaad enigszins ironisch, maar wat doe je er aan? In mijn tijd was het R-gebouw in de Rodestraat de donkerste en lelijkste blok van de hele stadscampus. Het was een betonnen vergeetput waar men de minst belangrijke richtingen in verloren legde. Als student communicatiewetenschappen heb ik er dus wel een broek of twee versleten. De tijd staat echter niet stil, en hoewel de R vandaag nog steeds niet moeders mooiste is, heeft het onding ondertussen wel een mooie opknapbeurt gekregen. Recent kwam daar nog een extraatje bij. Op de benedenverdieping kan je sinds een jaar genieten van een museum met talloze zalen. Miniatuurzalen welteverstaan, tenzij je een kabouter bent. Het project heet Museum to Scale 1/7 en biedt honderd zaaltjes die door Belgische kunstenaars in kleine nissen in de muur werden ingericht. Het geheel valt volledig gratis te bezichtigen tijdens de openingsuren van de universiteit. Zeker doen, al was het maar uit nostalgie.

 

4. In een barok salon van een Engelse high tea genieten

Iedereen zal het gevoel wel kennen. Soms moet een mens gewoon even stoppen met talmen en moeder de vrouw nog eens van stal halen om ze te trakteren op iets lekkers. Op een mooie zaterdagmorgen trek je dan je beste (of properste) hemd aan, en neem je haar mee voor een picknick langs de Kaaien, een leuk fietstochtje op linkeroever of – godbetert – een uitgebreide brunch. Classy stuff for classy people, weet je wel. Domestic in de Lange Gasthuisstraat is een ideaal adresje voor dit soort niet te vermijden ongein. Op het eerste zicht lijk je hier in een ietwat chique maar verder compleet normale banketbakkerij te zijn terechtgekomen, maar op de eerste verdieping liggen twee fantastische barokke salons verstopt. Daar kan je van een klassieke Engelse high tea genieten met alles er op en er aan, inclusief vers gemaakte gebakjes en andere hapjes. Hier een uurtje gezellig kletsen op de designzeteltjes terwijl de lentezon door de hoge ramen binnen straalt en je zit weer voor een paar weken safe qua girlfriend stuff. Wel dat pinkje omhoog houden als je van je thee nipt natuurlijk. www.domestic-bakkerij.be

“Soms moet een mens gewoon even stoppen met talmen en moeder de vrouw nog eens van stal halen om ze te trakteren op iets lekkers.”

Tot hier mijn eerste stuk over Antwerpen. Hoeveel van m’n tips kende je zelf al? Heb je er nog een aantal in gedachten die ik vergeten ben? Ben je een Gentenaar en wil je wat kleinzielig komen doen door te beweren dat jouw stad toch ook wel een wereldstad is zeker? Stop met wenen, nodig me uit en bewijs het. Schrijf het in tussentijd maar even van je af in de commentaren onderaan.

You Might Also Like

8 Comments

  • Reply
    Colin
    februari 28, 2019 at 2:56 pm

    Brusselaar, my friend but I have a fondness for your city. Yes, it took me about an hour to get to a place I could see from the other side of the road because everywhere was a *massive* hole but hey. I also like Ghent, so there.

    • Reply
      Jonathan Ramael
      februari 28, 2019 at 3:10 pm

      I like Ghent a lot, but it’s always funny to rile them up and make them feel bad about themselves. 😉

  • Reply
    Evan
    februari 28, 2019 at 3:37 pm

    Ik zal maar eens zoals herhaaldelijk gevraagd een comment achterlaten 😉

    Vlakbij de David heb je in Den Brandt ook nog een speciaal stukje verborgen geschiedenis. Het zit daar vol bunkers uit de 2de wereldoorlog die dienst deden als het Belgische commandocentrum van de Atlantikwall. Je kan ze blijkbaar ook bezoeken en er zou een WO II museum zijn ingericht maar ben er zelf nog niet ingeweest. Het Nachtegalenpark en Rivierenhof hebben zo wel meer aangename verrassingen eigenlijk. 🙂

    • Reply
      Jonathan
      februari 28, 2019 at 4:42 pm

      Dat is alvast iets voor het volgende artikel lijkt me. Kende je ze allevier btw?

      • Reply
        Evan
        februari 28, 2019 at 10:47 pm

        Het miniatuur museum had ik al van gehoord, maar denk dat ik dit decennium eigenlijk nog niet in een gebouw van de UA ben binnen geweest. Het wake-boarden en de tearoom waren me onbekend. In het tweede kom ik effectief misschien nog ooit eens terecht met de vriendin, dat eerste nooit van z’n leven.

        • Reply
          Jonathan
          februari 28, 2019 at 11:12 pm

          Het terras is tof. :p

  • Reply
    Karolien
    februari 28, 2019 at 7:08 pm

    Ik volg al geruime tijd je pagina’s op Facebook. Daarnet las ik vol belangstelling je tekst over “de wereldstad” en zag ik daar een schreeuw om aandacht en een uitnodiging door een Gentse! Ik kan hier schrijven over ons Gravensteen, de torens van Gent en nog zoveel meer maar onze prachtige stad zie je beter met je eigen ogen.
    Onder het motto “I’ll show you mine if you show me yours”, nodig ik je uit om die wijze plekken in Gent te ontdekken als jij me meeneemt naar t stad.
    (Ik vind het ook wijs om Antwerpenaren op te jutten 😉 )

Leave a Reply