Citytrip Cultuur Europa Uitgelicht

Ostrava: de Tsjechische Industriestad die Zichzelf Heruitvond

In het uiterste oosten van Tsjechië – op fluimafstand van de Poolse grens – ligt Ostrava. Da’s de derde grootste stad van het land, maar ook de meest onderschatte. Gebouwd op staal en kolen in de 19e eeuw, groeide Ostrava snel uit tot de industriële motor van het land. Toen de mijnen sloten, diende de stad zich echter opnieuw uit te vinden. Ooit “Zwart Ostrava” genoemd, is het nu één van de groenste steden van Tsjechië – een plek waar hoogovens werden omgebouwd tot cultuurcentra en waar op voormalige mijnsites nu museums, concerten en festivals worden georganiseerd.

Colours of Ostrava - Bolt Tower

Toen ik in 2016 als reisjournalist voor het eerst naar Ostrava trok, had ik eigenlijk geen benul van waar ik naartoe vloog. Om dat euvel te verhelpen, bladerde ik op het vliegtuig wat door m’n reisgids over Praag en Tsjechië. In dat boekje leek de stad niet te bestaan. De volle nul woorden werden eraan gewijd – de naam stond zelfs niet in de index. Voor een stad van bijna 300.000 inwoners valt dat op z’n minst opmerkelijk en toch ook wat verdacht te noemen.

‘Belooft niet veel goeds voor m’n reis’, dacht ik toen, maar achteraf vond ik het vooral lui en oneerlijk. Uiteraard kan Ostrava als toeristische bestemming niet op tegen Praag – terecht één van de populairste citytrips van Europa. Als relatief jonge industriestad heeft het noch de charme, noch het architecturaal patrimonium om op gelijke voet met de hoofdstad te concurreren, maar da’s geen schande. Wie in het leven niet de mooiste is, moet slim zijn (believe me, haha) en dat had men hier erg snel begrepen. Wat volgde was geen poging tot imitatie van Praag, maar de beslissing om de eigen identiteit te omarmen en te cultiveren.

 

1. Ostrava’s industriële verleden en onverwachte transformatie

Colours of Ostrava

Ostrava zou je als Belg makkelijk kunnen omschrijven als de Tsjechische versie van Charleroi, maar die vergelijking gaat niet helemaal op. Terwijl men aan de Samber quasi al het industriële erfgoed liet verrotten om zich volledig te kunnen richten op het cultiveren van ongebreidelde corruptie, besloot men er in Ostrava zorg voor te dragen en er creatief mee om te gaan. De industrie die vroeger roetwolken boven de stad uitbraakte, werd zo de basis van haar metamorfose. De fabrieken werden gerenoveerd en dienen nu als evenementenruimtes en musea, uitgebreide sportfaciliteiten werden ontwikkeld, de groene ruimte werd vergroot en de natuur werd weer in de stad verwelkomd.

Een paar jaar na de shift vond de eerste editie van het festival Colours of Ostrava plaats. Dat werd een succes en al snel verhuisde het naar Dolní Vítkovice: één van de grootste mijn- en staalsites in Noord-Moravië, waar het uitgroeide tot een internationaal evenement. Vandaag is het één van de meest zichtbare symbolen van Ostrava’s transformatie (en de reden waarom ik opnieuw door de stad werd uitgenodigd), maar het festival is maar één facet van een veel breder verhaal.

“Ostrava moest zichzelf heruitvinden toen de koolmijnen sloten. Men besloot er voluit in te zetten op cultuur, sport en natuur.”

Door dat industriële verleden werd Ostrava door de rest van de Tsjechen lang “Zwart Ostrava” genoemd. Die bijnaam is blijven hangen, maar ondertussen is hij al lang niet meer van toepassing. Vandaag de dag is Ostrava officieel de groenste stad van Tsjechië. De sporen van het verleden zijn echter nog altijd overal te zien – soms op onverwachte plaatsen. Aan de rand van de stad ligt Mound Ema: een door opgehoopt mijnafval gevormde steenberg van 300 meter hoog. Door een chemische reactie in de buik van de berg ontstond er tientallen jaren geleden een brand die voor temperaturen tot 1.500 °C zorgde en ook vandaag nog steeds nasmeult. In de winter blijft het hier altijd groen – zelfs als de hele stad onder de sneeuw ligt. Ostrava creëerde per ongeluk een eigen vulkaan – best indrukwekkend eigenlijk.

Nog een nevenverschijnsel van het netwerk aan mijngangen onder de stad, viel vroeger te spotten bij het kasteel naast het centrum. Dat zakte doorheen de jaren meer dan zestien meter de grond in (ondertussen werd het gerenoveerd). Ook één van de plaatselijke voetbalvelden verdween op zekere dag plots in de ondergrond. Je zal maar net het gras gemaaid hebben: gouden FC De Kampioenenmateriaal valt hier te rapen. Wie het Ostrava van vandaag wil begrijpen, moet dus eerst onder de grond gaan kijken.

 

2. Michal Mine: een blik op het leven onder de grond

Colours of Ostrava - Michal Mine
Colours of Ostrava - Michal Mine
Colours of Ostrava - Michal Mine
Colours of Ostrava - Michal Mine

Eén van de beste plekken om jezelf onder te dompelen in Ostrava’s industriële verleden is Michal Mine, net buiten het centrum en nu een mijnmuseum. De mijn zelf werd in 1995 gesloten en om veiligheidsredenen kan je er niet meer ondergronds, maar de gebouwen, kantoren, kleed- en machinekamers liggen er nog steeds bij alsof de laatste shift net is afgelopen.

Werken in de mijn was niet voor weners: één blik op de stalen blikken die me vanop een oude groepsfoto aanstaren zegt genoeg. Probeer je het even voor te stellen: honderden meters onder de grond bij een temperatuur van meer dan dertig graden, met enkel het licht van de koplamp op je helm, in een gewelf liggen hakken dat maar een centimeter of tien van je gezicht verwijderd is. Je poriën zitten vol roet en gruis, je tong voelt aan als schuurpapier en in je achterhoofd fluistert constant een stemmetje dat het op elk moment rampzalig met je zou kunnen aflopen.

Dat soort straffe verhalen krijg je te horen van de gidsen die je vandaag door het complex leiden, maar er mag ook gelachen worden. Zo werd me verteld dat er na een nationaal decreet geen vrouwen meer in de mijn mochten werken, maar één keer per jaar mochten ze manlief naar beneden vergezellen om te ervaren hoe die aan z’n centen kwam. De legende wil dat iedereen op die dag z’n uiterste best deed om de al lamentabele werkomstandigheden nog erger te doen lijken, om zodoende het maximum aan medelijden bij moeder de vrouw op te wekken in de hoop op begripvolle wip. Boys will be boys.

 

3. Landek Park: daal zelf af in de mijnen van Ostrava

Colours of Ostrava - Landek Park
Colours of Ostrava - Landek Park
Colours of Ostrava - Landek Park
Colours of Ostrava - Landek Park

Waar Michal Mine je bovengronds laat zien hoe de mijnwerkers leefden en werken, trek je in Landek Park daadwerkelijk de schacht in. Ook net buiten het stadscentrum, is dit vandaag één van de populairste groene recreatiezones van Ostrava, maar het grootste mijnmuseum van Tsjechië ligt er ook.

Een stuk van 250 meter werd opengesteld voor het publiek, en daar kan je met een gids stap voor stap het mijnverleden in ontdekken. De tunnels zijn over het algemeen nauw en vochtig, waardoor je weinig verbeeldingskracht nodig hebt om je voor te stellen hoe het hier destijds moest zijn geweest.

Ook in Landek worden straffe verhalen verteld, zij het niet altijd even vrolijke. Zo kwam ik te weten dat niet enkel mensen in de mijnen werkten. Teams van geblinddoekte pony’s trokken vroeger de kolenkarren van schacht naar schacht. ’s Nachts – wanneer de mijnwerkers in het echtelijke bed tegen hun vrouw lagen aan te schurken – bleven de arme beesten moederziel alleen in de duistere diepte wachten tot de volgende werkdag aanbrak. Slechts twee keer per jaar mochten ze met de lift naar boven in de hoop een hint van vers gras te ruiken. Wie eens een mini-paard van pure blijdschap wou zien janken, wist alvast waar klaar te staan.

 

4. Een wandeling door het centrum van Ostrava

Colours of Ostrava - Centrum
Colours of Ostrava - Centrum
Colours of Ostrava - Centrum
Colours of Ostrava - Centrum

Het centrum van Ostrava valt niet te vergelijken met dat van Praag of zelfs Brno. Dat komt voornamelijk omdat de stad pas in het midden van de 19e eeuw door de industrie echt begon te groeien, en dat is duidelijk te zien in het straatbeeld. Er ligt geen middeleeuwse oude stad en historische stadspaleizen staan er ook niet bepaald.

Toch is het centrum is erg groen en verbazend levendig. De grote markt (Masaryk Square) is mooi en typisch Tsjechisch, er vallen hier en daar leuke Art Nouveau-gevels te spotten en grote parken zorgen voor heel wat open ruimte. De rivier loopt dwars door de stad en langs weerszijden ervan werden aangename wandelpaden aangelegd. Wie hier even rondloopt zou nooit durven denken dat dit ooit één van de meest vervuilde plekken van het land was.

“Wie door het centrum van Ostrava wandelt, ziet al snel dat de stad grote stappen vooruit heeft gezet.”

Het meest opvallende gebouw in het centrum is voor mij het nieuwe stadhuis. Da’s een bruut modernistisch (en verbazend groot) gebouw met in het midden een wat aparte observatietoren van meer dan tachtig meter hoog. Die kan je met een lift bezoeken, waarna je op een buitenbalkon kilometers ver over de wijde omgeving kan uitkijken. Het is pas vanop deze hoogte dat de bijnaam “Zwart Ostrava” echt wat belachelijk begint te klinken. Ostrava is een lappendeken van woonbuurten, industrie en vooral veel groen – over de heuvels in de verte zie je uitgestrekte bossen liggen.

Ook gastronomisch valt in Ostrava best wat te scoren. HogoFogo Bistro heeft niet enkel een grappige naam, maar is ook een toprestaurantje op een leuke locatie. La Petite Conversation is dan weer een bistro die gerund wordt door een Belg uit Luik en z’n Tsjechische vrouw. Hier kan je perfect gemaakte Luikse bouletten met frieten bestellen. Ook leuk is Pavilon: een soort biertuin in een park met verschillende eetkraampjes. Rodem tenslotte, is dan weer een prima Koreaans restaurant (uitgetest en goed bevonden door twee vrolijke Koreaanse collega’s uit onze persgroep).

 

5. PLATO Ostrava: hedendaagse kunst in een voormalig slachthuis

Colours of Ostrava - PLATO
Colours of Ostrava - PLATO
Colours of Ostrava - PLATO

Eén gebouw belichaamt de transformatie van Ostrava het best van allemaal. PLATO is het plaatselijke museum van hedendaagse kunst, en ligt in een monumentaal voormalig slachthuis op maar een paar minuten wandelen van Masaryk Square – nog een perfect voorbeeld van hoe men hier het industriële verleden omarmt in plaats van afbreekt.

De buitenkant werd grotendeels behouden zoals hij was – buiten een aantal indrukwekkende draaiende betonnen deuren – maar het interieur werd grondig en smaakvol omgebouwd tot een aantal grote expositieruimtes. Het uiteindelijke resultaat won verschillende internationale architectuurprijzen.

PLATO heeft geen vaste collectie, dus er valt bij elk bezoek wel iets nieuws te ontdekken. Je kan hier echter veel meer komen doen dan naar kunst kijken: de hele buurt wordt bij het project betrokken. Zo kan je hier vrij binnenstappen om wat te knutselen, kan je er ter plekke gekweekte plantjes kopen om het museum te steunen, kan je er gratis bananen scoren (echt waar) en wordt het grasveld buiten gebruikt voor allerlei gemeenschappelijke groentetuintjes – de zaadjes om te planten kan je hier ook meteen krijgen. Erg aangename plek, met een unieke en inclusieve visie op wat een museum van hedendaagse kunst zou moeten zijn.

 

6. Ostrava na zonsondergang: cafés, bier en Stodolní Street

Colours of Ostrava

Je denkt waarschijnlijk dat een ruige arbeidersstad als Ostrava ook een ruig nachtleven zou moeten hebben – en het is zowaar zo. Dit is geen stad om in een fancy cocktailbar aan een margarita te komen nippen, maar er vallen tal van cafés en dansbars te bezoeken – inclusief aangenaam volk en heel veel bier.

Het nachtleven van Ostrava lag lange tijd geconcentreerd rond Stodolní Street. Dat was vroeger een beruchte straat en werd gezien als één van de wildste feestbuurten van Centraal Europa, maar na covid werd het er wat kalmer. Het ligt vlakbij PLATO en er liggen nog steeds tal van cafés voor je klaar, dus ga zeker even de sfeer opsnuiven. Tegenwoordig is het er meestal enkel in het weekend druk.

Ga je liever dansen? Fabric Club is een coole dancing in een oude staalfabriek. Dat hergebruiken van industriële panden gebeurt in Ostrava – je hebt het ondertussen door – op een hoop verschillende manieren.

 

7. Dolní Vítkovice: van staalfabriek tot culturele speeltuin

Colours of Ostrava
Colours of Ostrava - Bolt Tower
Colours of Ostrava - Bolt Tower

Op een paar tramhaltes van het centrum van Ostrava ligt Dolní Vítkovice: één van de meest indrukwekkende overblijfselen van de industriestad van vroeger. Deze enorme mijn- en staalsite is het hele jaar open en dient nu als culturele en educatieve hub, en als decor voor tal van evenementen.

Dolní Vítkovice ziet er op het eerste zicht wat dystopisch uit. Massieve roestende gebouwen, buizen die boven je hoofd alle kanten oplopen: de schaal van het complex is moeilijk te vatten. Kijk wat verder dan je neus lang is en je zal zien dat dit geen vervallen ruïne is, maar dat veel gebouwen ondertussen een nieuwe bestemming kregen.

Een enorme gastank werd omgebouwd tot een soort steampunk concerthal met 1.500 zitjes, aan de rand van het terrein werd een groot wetenschapsmuseum geopend en in de andere ruimtes worden geregeld exhibities en optredens georganiseerd.

Het meest in het oog springende bouwwerk is de Bolt Tower. Da’s de centrale hoogoven van het complex, en op de top werd een glazen constructie van verschillende etages geïnstalleerd zodat je op tachtig meter hoogte zowel van het uitzicht als van een verfrissende cocktail kan genieten (kijk nu: Ostrava heeft toch een fancy cocktailbar).

Eén keer per jaar in juli, wordt Dolní Vítkovice het decor van één van de meest unieke festivals van Europa. En gezien dat festival de voornaamste reden van m’n trip was, zullen we er meteen even invliegen.

 

8. Colours of Ostrava: een muziekfestival tussen de hoogovens

Colours of Ostrava
Colours of Ostrava
Colours of Ostrava
Colours of Ostrava

Colours of Ostrava valt het best te omschrijven als een mix van Rock Werchter en Sfinks Mundial, maar dan in een industriële setting en met prijzen uit 2008. Uiteraard was alles in vergelijking met de vorige keer dat ik hier rondliep flink opgeslagen, maar voor wie Belgische festivals gewend is valt het allemaal best mee. Een combiticket van vier dagen heb je al voor €180, en kinderen onder de meter veertig mogen gratis binnen. Een halve liter Tsjechische pils kost je op het festivalterrein ongeveer €2.5 – kan je niet voor sukkelen.

Colours of Ostrava duurt vier dagen en neemt de hele site van Dolní Vítkovice over, waardoor de podia er door massieve hoogovens worden overschaduwd. Die industriële setting maakt de hele ervaring uniek. De hoofdacts waren dit jaar onder meer Sting en Iggy Pop. Ondertussen is de man tachtig en slecht te been, maar z’n T-shirt ging nog steeds uit voor het eerste nummer begonnen was en na meer dan vijftig jaar rocken perst hij er nog steeds tijdens elke show z’n laatste druppel zweet uit.

Voeg daar nog een aantal moderne hoofdacts als Justice en Chainsmokers, een symfonisch orkest en een gigantisch K-pop idool als DPR Ian (die het meeste volk van allemaal trok) aan toe, en je hebt een erg gevarieerde affiche op je mainstage staan. Da’s al fantastisch, ware het niet dat er nog zeven andere grote podia stonden opgesteld.

 

9. Colours of Ostrava voorbij de main stage: verrassende muzikale ontdekkingen

Colours of Ostrava
Colours of Ostrava
Colours of Ostrava
Colours of Ostrava
Colours of Ostrava
Colours of Ostrava

Wat Colours voor mij zo uniek maakt, zijn de dingen die ver weg van het hoofdpodium gebeuren. Dolní Vítkovice is geen klassiek festivalterrein, maar een doolhof van hangars, buizen en schoorstenen waar achter elke hoek wel iets nieuws te ontdekken valt: een oude treinwagon met een bar in, een loungehoek op een gazon of één of ander obscuur podium dat je tot nu toe gemist had.

Achterop het terrein stonden tussen de hoogovens bijvoorbeeld drie kleinere podia tegenover elkaar – m’n favoriete plek op de hele site. Energieke dansacts werden er afgewisseld met techno-Dj’s, klassieke muzikanten, lokale punkbandjes en een Oekraïense zanger met een tapijt over z’n kop die zichzelf Carpetman noemde (zeer te pruimen btw).

Dit is waar Colours excelleert: de affiche geeft veel ruimte aan artiesten die je waarschijnlijk nergens anders in Europa kan zien. Op het grotere Orlen Drive Stage werd bijvoorbeeld heel wat niet-westerse muziek geprogrammeerd. Vooral het geweldige Benin International Musical (aan de bandnaam kan nog gewerkt worden) bleef me bij. Da’s een band die Afrikaanse zang en percussie perfect combineerde met Amerikaanse rock, blues en funk.

Wie geen zin heeft in muziek – het zou gezien de context wat vreemd zijn, maar kom – kan trouwens nog een hoop andere zaken bijwonen. De hele dag worden allerlei lezingen en discussies gehouden. Over het hele terrein stonden ook tientallen togen en eettentjes verspreid: aanschuiven was nergens nodig.

Colours of Ostrava is een festival voor mensen met een open geest, dat nieuwsgierigheid beloont. Hou niet vast aan een strak schema – je kent de helft van de artiesten toch niet. Loop gewoon rond en blijf staan waar je het goed vindt klinken. Je Spotify-playlist zal de variatie appreciëren.

 

10. Ontsnappen naar de Beskiden: wandelen en frisse lucht rond Pustevny

Colours of Ostrava - Pustevny
Colours of Ostrava - Pustevny
Colours of Ostrava - Pustevny
Colours of Ostrava - Pustevny

De meeste mensen die Ostrava bezoeken buiten het festivalseizoen, spenderen niet al hun tijd in het stadscentrum. Vaak trekken ze de omliggende regio in: Noord-Moravië is voornamelijk een natuurbestemming. Bossen, bergen en een overvloed aan wandelpaden verbazend dicht bij de stad, waardoor Ostrava een handige uitvalsbasis wordt voor outdoor activiteiten.

Op een uurtje rijden van Ostrava liggen de Beskiden. Da’s een dichtbeboste bergketen waar je aangenaam aan het wandelen kan slaan. Een ritje op de kabellift – dat door de dichte ochtendmist aanvoelde alsof het eindstation Silent Hill ging zijn – bracht ons tot bij Pustevny. Da’s een gehucht van een paar mooie houten huizen tussen twee heuvelruggen. In de winter kan je hier skiën, maar tijdens de rest van het jaar doet het dienst als wandelknooppunt. Libušín is het mooiste pand: een historische cottage van meer dan honderd jaar oud, waar traditionele Tsjechische gerechten op het menu staan.

Vanuit Pustevny kan je via een aantal wandelingen de voornaamste uitkijkpunten afvinken, maar je kan ook het vlakbij gelegen Stezka Valaška bezoeken. Da’s een enorme houten uitkijktoren en één van de grootste attracties uit de buurt. Je bereikt de toren via een boomtopwandeling en een paar lange, over de diepte bengelende hangbruggen. Wie wil kan met fietsjes op een koord weer naar de overkant sjezen (da’s veiliger dan het klinkt), of op het doorzichtige glazen platform op de top een selfie nemen: de keuze is aan jou.

 

Praktische tips voor een bezoek aan Ostrava (en Colours of Ostrava)

Colours of Ostrava

** Deze infosectie bevat een aantal (nuttige) affiliate links die ik persoonlijk uitzocht om zeker te zijn dat ze een meerwaarde bieden. Was je al van plan een hotel in Ostrava te boeken? Overweeg dan om dat via één van m’n links te doen. Het kost je geen cent extra, en ik krijg een kleine vergoeding voor m’n schrijfwerk. Alvast bedankt! **

Hoe geraak je in Ostrava:

Ostrava valt makkelijk met de trein te bereiken, zeker vanuit Praag. Ik nam een lange-afstandstrein van Czech Railways en was aangenaam verrast door hoe vlot dat allemaal liep. De rit duurt een uur of drie, de wagon is comfortabel, je krijgt een gratis flesje water en er rijdt zelfs iemand met een karretje met snacks rond. Moest iemand die voor de NMBS werkt dit lezen: neem even wat notities.

Het hoofdstation van Ostrava (Ostrava Hlavní Nádraží) is goed verbonden met zowel de rest van de stad als het festivalterrein. Dolní Vítkovice ligt maar een paar stops van het centrum. Gezien ritjes van onder het kwartier gratis zijn, zou je technisch gezien zonder te betalen vanaf het festival weer naar je hotel moeten kunnen rijden.

Waar overnachten in Ostrava:

Ik sliep deze keer niet op de festivalcamping maar besloot een hotel te boeken. Hieronder staan een aantal prima opties in verschillende prijscategorieën, allemaal geschikt om zowel de stad als het festival te bezoeken.

Midrange/Boetiek:

Hotel City City: hier sliep ik zelf. Leuk boetiekhotel met een licht industriële vibe, een gezellig restaurant en een prima locatie: twee minuten van het hoofdstation en dichtbij de tramlijn naar Dolní Vítkovice. Erg praktisch tijdens het festival.
Ruby Blue Hotel: ligt in Stodolní Street pal in het centrum. Modern hotel met verbazend grote kamers een een goed ontbijt. Ook hier zit je dicht bij zowel het treinstation als de tram.

Iets duurder:

Mercure Ostrava Center: modern, comfortabel en goed gelegen hotel bij het historisch centrum. Prima keuze als je op zoek bent naar wat meer comfort zonder stukken van mensen te betalen.
Imperial Hotel Ostrava: groot, handig en meestal best betaalbaar als je vroeg genoeg boekt. Goeie prijs-kwaliteitsverhouding.

Beste reistijd voor Ostrava:

Als je voor het festival komt is juli uiteraard de aangewezen maand om dat te doen. Buiten het festivalseizoen zijn de late lente en de vroege herfst ideaal om stadsbezoeken met wat natuurwandelingen te combineren.

Nuttige links en meer inspiratie:

Voor meer informatie over de regio Noord Moravië, klik hier.

Voor meer informatie over Tsjechië als bestemming, klik hier.

Zin in een aantal andere bestemmingen in de regio? Lees dan hier m’n artikels over Praag, Warschau of Lodz. Andere ex-industriestad verkennen? Trek naar het verrassende Duisburg.

 

You Might Also Like

No Comments

    Leave a Reply